woensdag 15 juni 2011

Kleur








Alleen de toppen van de latjes worden gekleurd. Er zal een overloop van kleur plaats vinden: Het eerste latje wordt puur rood en het laatste latje is gewoon houtskleurig. De latjes ertussen geven een gradient weer.

woensdag 8 juni 2011

Construcie bouwen






De laatste dagen zijn rens en ik vol aan het bouwen geslagen. Hierbij hebben we vormen gezocht die het sterksts zijn, hoe we apparatuur verwerken, wat mooi is en wat werkt.

Interactie Ontwerp Rens en Evelien

DIT DOCUMENT IS GEMAAKT VOOR HET VAK INTERACTIEONTWERP VOOR INSTALLATIES, EN BESCHRIJFT DE IDEALE SITUATIE

De vier fases in interactieontwerp van installaties

1 Concept

Het concept is de gebruiker een groter besef te geven van het waarnemen van de werkelijkheid, dan dat hij normaal gesproken gewend is. Het moet hen een bredere context bieden, een grotere waarneming geven dan die ze normaal gesproken kunnen ervaren.

Uit ons onderzoek is namelijk gebleken dat kinderen vanaf een leeftijd van zes jaar bezig zijn met de wereld om hen heen te ontdekken. Ze krijgen een besef van wat realiteit is en van wat fantasie is. Ze willen weten hoe dingen werken en zijn dus zeer geïnteresseerd in de wereld om hen heen. Het is echter wel zo dat ze nog geen goed besef hebben van wat waarneming precies is. Ze denken namelijk dat alles wat je ziet werkelijkheid is. Maar wat je ziet is niet per se altijd de werkelijkheid en wat je niet ziet is niet per se altijd onwaar.

2 Beleving

Om het bovengenoemde concept te vertalen in een beleving, maken we dit concreet door geluidsgolven te visualiseren. Geluid kun je namelijk niet zien en wel horen, maar dat betekend niet dat het niet bestaat. Sterker nog: geluid is meer dan iets wat je kunt horen, het is een trilling, een golf die de hele ruimte vult. Het komt uit je mond en beweegt alle kanten op.

Dit biedt een nieuw inzicht aan de gebruiker. Geluid wordt op een nieuwe manier ervaren, het wordt voor het eerst fysiek, er is een extra dimensie aan toegevoegd.

3 interactie

Om dit geheel van concept en beleving vorm te geven bouwen we een mechaniek van latjes op een as die een golfbeweging maken. Om de grootsheid van het geluid uit te drukken zal de installatie ook groot worden (drie meter lang, een meter breed, 1.20 meter hoog).

De input is het stemgeluid van de twee gebruikers. Ze staan beide aan de zijkant (de kopse kant), tegenover elkaar. In de microfoon kunnen ze een geluid maken en dit geluid zet de mechaniek in beweging.

Het volume bepaald de hoogte van de golven en de toon bepaald de frequentie van de golven. Dus, wanneer de gebruiker een lage toon met veel volume maakt zullen er hoge golven met een lage frequentie komen. Een lage toon met weinig volume betekent lage golven met een lage frequentie. Wanneer er een hoge toon komt met veel volume zullen er hoge golven met een hoge frequentie komen, een hoge toon met weinig volume zal dan weer een lage golf met veel frequentie zijn. Wanneer de golf zich over de installatie naar voren beweegt zal de toon met een vertraging nog steeds hoorbaar zijn nadat de gebruiker de toon heeft gemaakt. Daarnaast zullen we op de installatie via kleur of een soort liniaal een indicatie geven van hoever je geluidsgolf komt.

Wat de gebruikers kunnen proberen is om samen één golf te maken die van de ene kant naar de andere kant gaat of ze kunnen proberen om de golf van een gebruiker naar de overkant te laten gaan, de andere gebruiker zal dit ook proberen waardoor er dan een soort wedstrijd ontstaat. Bij de interactie kan je dus kiezen voor samenwerking of voor een wedstrijd.

4 technisch ontwerp

De installatie zal van een groot formaat zijn (drie meter lang) en op een hoogte van 1.20m staan zodat omstanders ook kunnen zien wat voor golfbewegingen er gemaakt worden. De hoogte van 1.20m hebben we gekozen omdat dit de gemiddelde lengte is van onze doelgroep. Op de as van drie meter zullen ongeveer 35 latjes komen te liggen. De latjes en het frame zijn van hout en de as is van ijzer

De latjes kunnen afzonderlijk om de as draaien. Aan de uiteinden zijn ze met elkaar verbonden. Dit betekend dat als er een latje in beweging wordt gezet, dat deze de rest meeneemt/aanstuurt in zijn beweging. Het eerste latje wordt in beweging gezet door de draaiende beweging van een ruitenwissermotor. Deze draaiende beweging wordt omgezet in een op-en-neer-beweging die het eerste latje aanduwt. Hierdoor wordt de draai uiteindelijk omgezet in een golfbeweging.

De beleving zal ontstaan doordat je met stemgeluid deze grote installatie in beweging brengt en er in de ruimte een mooie golf ontstaat.

ISGVO-MODEL

Doel: Groter besef van waarneming creëren (zie concept vier stappen model)

Doelgroep: Kinderen van 4 t/m 14 jaar (zie concept vier stappen model)

Domein: Geluid visualiseren

Randvoorwaarden: We zullen rekening moeten houden met de kracht van de motor. Het materiaal mag dus niet te zwaar worden, anders krijgt de motor het niet aangestuurd. Ook moet er getest worden tot hoever de golfbeweging doorgegeven wordt. Daarnaast zal er een plek gemaakt moeten worden waar spullen als de motor en de computer veilig kunnen staan. Er moet genoeg ruimte om de installatie heen zijn, zodat veel mensen het kunnen bezichtigen en dan men er omheen kan lopen.

Het domein kan worden opgedeeld in inhoud, structuur, gedrag, verbeelding/verschijning en omgeving

Inhoud

De boodschap van de installatie is dat de werkelijkheid groter is dan hoe je hem waarneemt. wat je ziet is niet per se altijd de werkelijkheid en wat je niet ziet is niet per se altijd onwaar. (zie concept vier stappen model) We hopen dat ze door deze ervaring weer een inzicht rijker zijn en hierdoor ook zelf anders naar dit soort complexe verschijnselen gaan kijken.

Het uitgangspunt van het concept is dat kinderen denken dat alles wat je ziet werkelijkheid is en alles wat je niet ziet fantasie is. Dit komt doordat ze op jonge leeftijd nieuwsgierig worden naar hun omgeving en vanuit hier zijn wij verder gaan denken. Hieruit is ontstaan dat we ze een breder inzicht willen geven in hun eigen waarneming.

De bronnen die we geraadpleegd hebben om tot dit uitgangspunt te komen zijn voornamelijk interviews met kinderen. Hieruit bleek dat kinderen op jonge leeftijd snel nieuwsgierig worden en niet meer genoegen nemen met simpele antwoorden. Ze willen echt weten hoe dingen werken. Daarnaast hebben we ook werkstukken gemaakt door kinderen en kinderboeken onderzocht. Hieruit bleek wel dat kinderen er van houden als iets heel erg tot de verbeelding spreekt.

Structuur

De narratie is dat het geluid wat door de gebruiker gemaakt wordt, omgezet wordt in een fysieke beweging. Dit verteld aan de kinderen dat geluid uit hun eigen mond een golf vormt en zich verspreid over de ruimte. De gelaagdheid hieraan is dat er nu iets zichtbaar is gemaakt, wat in het echte leven ook waarneembaar is, maar wat je niet kunt zien. Dit speelt in op de nieuwsgierigheid van kinderen.

Gedrag

De interactie bestaat uit geluid maken door de gebruiker aan de ene kant en het ontstaan van de golf aan de andere kant. Een andere vorm van interactie is de schaal van de installatie, dit zorgt dat niet alleen de gebruikers maar ook omstanders kunnen zien wat het effect is van het geluid. Doordat er veel omstanders naar de installatie komen kijken zal de gebruiker zich ook speciaal voelen omdat hij samen met de installatie in het middelpunt van de belangstelling staat. De feedback bestaat uit verschillende hoogtes en frequenties van de golfbeweging, de hoogte en frequentie zal afhangen van het volume en de toonhoogte die de gebruiker maakt.

Verbeelding/verschijning: vorm

De installatie bestaat uit een as met dwars daarop ongeveer 35 houten latjes, deze as rust op een driehoeksconstructie van hout. De dwars latjes zullen met elkaar in verbinding staan zodat wanneer er een beweegt de rest zal volgen. In totaal zal de installatie drie meter lang worden 90 centimeter breed en 1.20m hoog. De uiteinde van de dwars latjes zullen in een felle kleur geverfd worden zodat de golfbeweging extra duidelijk wordt tegenover de installatie die verder van onbewerkt hout is.

Omgeving

De fysieke context is het Cinekid festival in de Westergasfabriek in Amsterdam. Dit is een grote ronde hal met een hoog plafond. In deze grote hal willen we onze installatie op laten vallen door de grootte, vormgeving en beweging.


Één-persoons-interactie

Waarschijnlijk gaan we voor de vorm van één gebruiker kiezen. Dit omdat dit op dit moment de meest realistische optie is. Mochten we nog tijd over hebben dan gaan we kijken of het mogelijk is om ook met twee gebruikers te werken.

Hiernaast zie je een compositieschets, met de installatie, de microfoon en de gebruiker. Ook zie je het beeld vanuit het standpunt van de gebruiker.

Wegwerken Techniek

Hier zie je hoe de techniek (laptop, arduino, accu's, geluidskastje) verwerkt kan worden in de installatie.
Het hoeft niet volledig buiten het zicht te staan, maar er moet wel een afbakening zijn, waardoor het veilig is voor kinderhanden.

Op de grond -->
Komen tussen twee balken dwarslatjes, waaronder weer de techniek verstopt kan worden.

woensdag 1 juni 2011

Voor de dimmer kunnen we dit apparaat gebruiken. Om ervoor te zorgen dat de motor harder en zachter kan gaan:

http://iprototype.nl/products/arduino/shields/power-shield
Voor een eventuele adapter kunnen we ook deze gebruiken:

http://www.arduino.cc/playground/Learning/WhatAdapter

Belevingsconcept Eindopdracht

Belangrijk voor onze installatie is dat de kinderen die ermee spelen deze gebeurtenis als een ervaring gaan beschouwen. Dit betekent dat de kinderen de installatie, en het spelen hiermee, als eerste moeten onthouden en er enthousiasme over moeten voelen. Het moet een “memorable experience” worden, een unieke persoonlijke ervaring.

The interactive experience model geeft inzicht in persoonlijke, sociale en fysieke context.

De persoonlijke context

De meeste kinderen zullen geen eerdere ervaringen hebben met dergelijke installaties. Onze doelgroep is immers zes a zeven jaar oud en kinderen van deze leeftijd hebben over het algemeen nog niet veel ervaring met interactieve installaties. Dus Cinekid zal voor vele een nieuwe ervaring zijn. Daarom is het belangrijk dat de interactie simpel wordt, ze worden namelijk al aan totale nieuwe vormen blootgesteld, dus moeten we de manier van interacteren niet ook moeilijk gaan maken.

Aan de andere kant hebben we ondervonden dat onze doelgroep al heel veel bezig zijn met media (televisie, wii, iPad, mobiele telefoon, etc.) en sowieso al een redelijk grote algemene kennis hebben. Dus interactie zijn ze al wel gewend, omdat ze veel met media bezig zijn. De manier van interacteren met onze installatie zal echter wel nieuw voor ze zijn.

Toch zijn er wel verschillen met betrekking tot kennis geconstateerd. Enkele kinderen kunnen al goed omschrijven wat werkelijkheid is, en wat nou wel waar is en wat dan niet. Terwijl andere kinderen moeite hebben om dit te verwoorden. Ze leren over waarneming en kunnen zelf steeds meer dingen constateren, maar hoe zit het dan met dingen die er wel zijn maar die je niet kunt zien?

Een kind dat al veel kennis heeft over de wereld zal met andere doelen naar Cinekid gaan als een kind die dat nog niet heeft. Het ene kind is nou eenmaal nieuwsgieriger dan het andere kind. We moeten hier op een slimme manier op in spelen, zodat het niet te moeilijk wordt voor kinderen die hier weinig kennis van hebben, en zodat het niet te saai wordt voor kinderen die al weten hoe dit zit. Daarom zullen we proberen hier een kern in te zoeken en die naar voren te brengen.

Sociale context

Cinekid is een druk bezocht evenement. Dat betekend dat er veel omstanders zijn bij de installatie. Dus we moeten ervoor zorgen dat de installatie niet alleen leuk en interessant is voor de gebruiker, maar dat de omstanders ook kunnen zien en horen wat er gebeurt en hierdoor nieuwsgierig worden. Omstanders zullen hierdoor ook zelf willen proberen en ervaren wat er gebeurt.

In ons geval is er namelijk slechts één gebruiker die de installatie bediend. Dit omdat ze op deze manier hun eigen unieke ervaring kunnen creëren. Doordat we de installatie groot gaan maken zullen de omstanders ook meedelen in de ervaring.

Niet alleen delen de omstanders mee in de ervaring, ze geven het kind dat de installatie bestuurd ook een extra ervaring. Iedereen kijkt naar hem en hij staat voor eventjes in het middelpunt van de belangstelling. Daarnaast ziet iedereen dat hij door een simpele handeling een grote installatie in beweging kan zetten.

De installatie is bedoeld voor kinderen, dus we zullen hier rekening mee houden door het ook op “kinderhoogte te maken”. Daarom zal het voornamelijk voor kinderen aantrekkelijk zijn om mee te interacteren.

De fysieke context

De fysieke context is het Cinekid festival in de Westergasfabriek in Amsterdam. Dit is een grote ronde hal met een hoog plafond. In deze grote hal willen we onze installatie op laten vallen door de grootte, vormgeving en beweging. De installatie zal groot worden, de vorm is een ongewone vorm, eentje die je niet in het dagelijks leven tegenkomt en je dus echt verrast. Daarnaast beweegt onze installatie ook, dus daardoor zal deze ook opvallen.

Stategie

Omdat kinderen van 6 a 7 jaar nieuwsgierig worden naar de omgeving om hun heen, willen we ze iets interessant aanbieden. Wat is nou waarneming, en hoe werken onze zintuigen samen? Kan je dingen waarnemen die je op het eerste gezicht niet ziet? Dit zijn vragen die onze doelgroep zich stelt. Bijvoorbeeld uit een werkstuk van een kind uit deze doelgroep bleek dat zij er van uit ging dat wat je ziet werkelijkheid is.

Hier willen wij mee spelen. We willen kinderen stimuleren om deze vragen te blijven stellen en om zelf op zoek te gaan naar antwoorden. Op deze manier is het interessant voor alle kinderen van deze leeftijd, ze zijn allemaal op een kleine ontdekkingsreis naar de wereld om hen heen.

Daarom hebben wij ervoor gekozen dat onze installatie geluid gaat visualiseren. Dit is een goed voorbeeld van iets wat je niet ziet, maar wel waarneemt. Geluid is ook meer dan horen, het zijn golven, luchtverplaatsing, trillingen. Geluid is overal om je heen, en dat willen wij betekenis geven. Door dit te laten zien, hopen we kinderen bewust te maken en stimuleren om zelf verder te gaan kijken hoe waarneming werkt.

Door een ongewone vormgeving willen we nieuwsgierigheid opwekken. Er wordt namelijk een golf gevisualiseerd, een geluidsgolf, maar deze wordt op een nieuwe manier gevisualiseerd. Een manier waarop de kinderen dit nog niet eerder hebben gezien. Op deze manier houden we het dicht bij de kinderen, het hoeft geen letterlijke geluidsgolf te zijn, er mag wat fantasie in zitten. Ook maken we deze golf fysiek, 3D, om hiermee aan te tonen dat geluid ook niet plat, maar fysiek is.

Concept

Geluid visualiseren is de basis van ons concept. Het werkt als volgt: De gebruiker (Het kind) maakt een geluid, van één toon, dit geluid wordt omgezet in een fysieke golfbeweging.

Dat gaan we als volgt doen: De installatie bestaat uit een as, waarop dwarslatjes liggen. Deze dwarslatjes liggen met elkaar in verbinding. De eerste wordt aangestuurd door een motor, waardoor de rest automatisch in een golfbeweging golft. Denk hierbij aan een touw dat op de grond ligt en waar je een ruk aan geeft, dan gaat de golfbeweging ook verder.

Bij een lage toon komen er weinig golven en bij een hoge toon komen er veel golven. Dit werk ongeveer zoals in de werkelijkheid, daarbij vormen de golven zich ook op basis van frequentie.

Op deze manier krijgt het kind het idee dat hij zelf zijn geluid kan zien, en dat het bestaat.


(gemaakt door Rens en Evelien)